Gewoon: een eerbetoon

Dankbaarheid is het nieuwe chiazaad. Wat het voor je lijf doet weet ik niet, maar als ik de gemiddelde zelfhulpgoeroe moet geloven doet het wonderen voor je geestelijke gezondheid. Innerlijke veerkracht. Balans. Rust. Ik geloof het ook nog. Voor mij geen verplicht schriftje om elke avond in op te schrijven waar ik dankbaar voor ben. Met elk jaar dat ik ouder word, wordt de wereld mooier en worden mijn wensen kleiner. Een midlife crisis is niet aan mij besteed. Ik denk niet ‘is dit alles?’ maar steeds meer ‘dit is alles’. En ik krijg het daar niet benauwd van. Voelt wel goed eigenlijk.

 

Toen ik 8 was, waren ‘dank u voor deze nieuwe morgen / dank u voor deze nieuwe dag’ de enige zinnen in de kerk die geen vragen opriepen. Ze horen bij een gevoel dat iedereen kent. Als kind had ik er een naar-buiten-zonder-jas-gevoel bij, de belofte van het begin van de zomer. Of juist van die eerste keer dat je in de winter wakker werd in een witte wereld. ‘Nieuw’ als in spannend, fris, onbekend. Een dag die klaar lag om bestormd te worden. Nu word ik stil van een ander soort nieuw. ‘Nieuw’ is nu ‘nog een’, ‘weer een keer’. Nieuw is nu wakker worden met dezelfde mensen, weten dat er weer een kans ligt om goed te maken wat je kapot gesnauwd hebt, om bij te komen na een te volle dag. Het is de belofte van het bekende geworden. Lukte het gisteren niet om de moeder, dochter, vrouw te zijn die je wilde zijn, dan misschien nu wel. En zo niet, dan is het ook goed. We kennen elkaar al langer dan vandaag.

 

Als je een keer goed geschrokken bent, is de veiligheid van alles wat vanzelfsprekend is het mooiste wat er is

 

Als je een keer goed geschrokken bent, is de veiligheid van alles wat vanzelfsprekend is het mooiste wat er is. So what, de wasmand puilt uit, de tuin is een gruwel en je hebt nog steeds niet overal plinten? Dit huis is een thuis, met alle lading die dat woord heeft. Hier worden elke dag herinneringen gemaakt, hier hebben we onze eigen oude koeien. Hier is het elke dag Gewoon. Als we aan tafel gaan, schuift iedereen als vanzelf op zijn eigen plek, en in zijn eigen rol, van Opschepper, Spraakwaterval, Aanklager, Culinair Recensent of Grote Zwijger. Als iemand afwijkt, kijkt iedereen verrast op. Zelfs de dagelijkse ergernissen hebben iets van een ritueel: als mijn man de vaatwasser uitruimt klinkt het alsof hij de ene na de andere gietijzeren wok in de pannenla gooit. Onze kinderen en ik stoppen onze vingers in onze oren, mopperen (‘Pa-ap!! / Schat! Alsjeblieft!’), kijken elkaar al oogrollend veelbetekenend aan, en gaan weer verder met wat we aan het doen waren.

 

Mijn vader stierf, en drie deuren verder werd een meisje geboren. De bomen verliezen hun blaadjes, mijn dochter wordt verliefd. Ik weet, zo ongeveer op de helft (ik hoop dat ik nog even heb), dat het leven hard is en eindig, en soms verschrikkelijk wreed. En dat ik van niks weet, en mijn kinderen nog minder. Met dit leven, in dit land, in ons gezin, elke dag ondergedompeld in vertrouwen. Dat maakt me heel dankbaar. Ik vertel ze: ‘Investeer in wat mee de kist in kan. Dat is het enige dat telt’. En gelukkig is dat geen loze kreet uit een goedbedoeld boekje, maar iets wat ik steeds beter echt kan voelen. Gewoon dit, beetje samen ploeteren met mijn man, mijn kinderen, lieve vrienden. Ups-and-downs delen, van herfst naar lente en weer terug. Mijn kist zit straks propvol alledaags geluk.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.